Eind juni was ik alweer voor de derde keer dit jaar even in Nederland. Net als de vorige keren voelde het als een warm bad. Ik sprak veel vrienden, voerde goede gesprekken, en merkte hoe fijn het is om even uit mijn rustige bestaan in Noorwegen te stappen en me onder te dompelen in de levendigheid van daar.
Wat me deze keer opviel: bijna iedereen die ik sprak gebruikt inmiddels AI. Niet alleen de tech-liefhebbers, maar ook mensen bij wie ik het niet direct had verwacht. Is dat omdat ik graag met nieuwsgierige mensen afspreek? Of is AI écht overal doorgedrongen?
Ook ik gebruik AI. Het helpt me denken, structureren, schrijven. Dankzij AI kost het schrijven van een nieuwsbrief minder energie — en wordt het zelfs weer leuk. Zonder AI zou je deze misschien niet eens lezen 😬
Maar het wringt. AI verbruikt enorme hoeveelheden energie. En het systeem groeit razendsnel, met risico’s die nauwelijks te overzien zijn. Toch gebruik ik het steeds vaker.
Waarom? Omdat het me helpt. Omdat ik er iets door terugkrijg: helderheid, focus, tijdsbesparing.
Maar ik zie ook hoe snel gemak omslaat in gemakzucht.
In regie blijven
Tegelijk wil ik iets helder maken: de teksten die jij van mij leest, zijn geen ‘AI-teksten’.
Ik blijf zelf in de regie. De inhoud komt van mij.
Ik voel in mezelf wat verteld wil worden. Ik reflecteer op wat voor mij van waarde is.
AI helpt me structureren, aanscherpen, formuleren. Maar het voelt niet.
Het weet niet wat klopt.
AI heeft geen ziel, geen innerlijk kompas, geen geweten.
Het is briljant in het analyseren van patronen — maar afgescheiden van het grotere geheel.
Juist daarom geloof ik: we moeten AI niet laten denken voor ons, maar gebruiken in dienst van dat wat ín ons leeft.
Hoe doe jij dat?
Gebruik je AI — en zo ja, op welke manier blijf jij zelf in de regie?
