Hoe ik AI gebruik zonder mijn stem te verliezen
AI maakt schrijven sneller, helderder en consistenter. Dat is indrukwekkend. Maar het roept ook een subtiele vraag op: wanneer is een tekst nog van jou?
Je leest iets en twijfelt. Spreekt hier een mens? Of een systeem dat taal optimaliseert?
De tekst klopt. Hij is logisch, gestructureerd, goed geformuleerd. En toch ontbreekt er iets. De nuance is gladgestreken. De frictie verdwenen. Wat persoonlijk was, voelt algemener.
Dat spanningsveld herken ik, omdat ik zelf intensief met AI werk – in mijn schrijven én in mijn praktijk. Voor mij gaat het daarbij niet alleen over techniek. Het raakt een fundamentelere beweging: de relatie tussen directe ervaring en abstract denken.
In mijn werk draait het voortdurend om die wisselwerking. Tussen voelen in het nu en het ordenen in patronen. AI vergroot die abstracte laag enorm. De vraag is niet of dat goed of slecht is, maar of onze woorden nog geworteld zijn in onze eigen ervaring.
Abstractie is krachtig – en creëert afstand
Abstract denken is een van de grootste vermogens van de mens. Zonder abstractie geen wetenschap, geen rechtssysteem, geen technologie. Ook AI is daar een uitdrukking van.
Maar abstractie creëert afstand. Zodra ervaring wordt vastgelegd, beschreven en gemodelleerd, wordt ze verplaatsbaar. Overdraagbaar. Optimaliseerbaar.
Dat is waardevol. Het maakt schaal mogelijk. Maar hoe groter de afstand tussen ervaring en representatie, hoe makkelijker het wordt om te spreken zonder het gezicht van de ander nog voor je te zien.
Daar begint ontmenselijking. Niet bij slechte intenties, maar bij afstand zonder terugkoppeling.
Op systeemniveau zie je dat terug wanneer beleid losraakt van praktijk. Modellen en risicoprofielen zijn nodig om op schaal te opereren. Maar wanneer de terugkoppeling naar concrete ervaring ontbreekt, kunnen mensen verdwijnen achter categorieën.
Het probleem is niet abstractie op zich. Het is abstractie zonder worteling.

Hoe ik AI gebruik – en waar het schuurt
Bij het schrijven gebruik ik AI als sparringpartner. Het helpt me structuur aanbrengen, inconsistenties zien, formuleringen aanscherpen. Wat vroeger een redacteur deed, kan nu deels geautomatiseerd.
Maar bijna elke keer gebeurt hetzelfde. Een passage wordt compacter. Een voorbeeld verdwijnt. Een scherpe zin wordt neutraler. De tekst wordt logischer – en tegelijk vlakker.
Dan weet ik: hier moet ik terug.
Ik lees opnieuw. Ik zet een alinea terug. Ik vraag om nuance die verdwenen is. Soms zeg ik simpelweg: dit klopt technisch, maar het voelt niet als mijn taal.
Dat proces is geen perfecte prompt vooraf. Het is een voortdurende terugkoppeling. Ervaring eerst. Dan abstractie. Dan opnieuw toetsen aan ervaring.
Dat is dezelfde beweging die ik in sessies maak.
Van inzicht naar ervaring
Veel cliënten begrijpen hun patronen feilloos. Ze kunnen uitleggen waar hun gedrag vandaan komt. Maar inzicht alleen verandert weinig zolang het niet verbonden raakt met directe ervaring.
In sessies begin ik daarom niet bij het model, maar bij wat zich nu aandient. Wat gebeurt er in je adem? Waar zit spanning? Wat wordt vermeden?
Pas wanneer iets werkelijk gevoeld wordt, krijgt abstractie betekenis. Dan wordt begrip geen afstand, maar integratie.
Abstractie en ervaring hebben elkaar nodig.
Zodra denken losraakt van voelen ontstaat afstand.
En wanneer we alleen voelen zonder te ordenen, blijft het diffuus.
Ontwikkeling ontstaat in de beweging tussen die twee.
AI verandert die beweging niet. Het vergroot haar.
Geworteld blijven met AI
Het gaat over kleine verschuivingen. In een tekst die soepel klinkt maar niet klopt. In een zin die logisch is, maar niet meer van jou voelt. In het moment waarop je niet meer terugleest of het nog echt klopt voor jou.
Daar ligt het verschil tussen optimaliseren en integreren.
Voor mij gaat het daarom niet over technologie alleen. Het gaat over aanwezig blijven in wat we doen – met hoofd én lichaam. Over telkens opnieuw terugkeren naar directe ervaring in wat we zeggen en hoe we het zeggen.
Dat geldt voor schrijven. En het geldt voor hoe we onszelf ontwikkelen.
Wie merkt dat inzicht alleen niet genoeg is, maar dat er iets diepers geraakt moet worden, herkent vaak precies dit spanningsveld. In mijn werk help ik mensen die beweging tussen denken en voelen weer levend te maken – zodat abstractie niet langer afstand creëert, maar integratie ondersteunt.
Lees de volledige blog
De uitgebreide versie van deze reflectie, met voorbeelden en mijn concrete werkwijze met AI, vind je op Substack:

